27-04-08

Berg : Vioolconcert

Alban Berg: Vioolconcert "Dem Andenken eines Engels" (1935).

Het vioolconcert is het meest gekende en meest uitgevoerde werk van Berg. Het werd geschreven volgens de twaalftoontechniek, uitgevonden door Arnold Schönberg, Bergs leraar. Geschreven na het overlijden van de 18-jarige dochter van Alma Mahler werd dit vioolconcert een instrumentaal Requiem. Het is tevens de laatste afgewerkte compositie van Berg die enkele maanden later op 50-jarige leeftijd overleed.

Alban Berg laatste foto

Laatste foto van Alban Berg

De ontstaansgeschiedenis van het werk.

krasner_louis

Louis Krasner (1903-1995)

Begin 1935 aanvaardde Berg een opdracht van de Amerikaanse violist Louis Krasner om voor hem een concerto te schrijven. Op dat ogenblik werkte de componist aan zijn opera Lulu. Maar de toekomstperspectieven zagen er niet rooskleurig uit. Het was heel twijfelachtig dat hij van de Nazi authoriteiten een officiële plaats als muziekleraar zou kunnen bekomen en het zag er zeker niet naar uit dat zijn opera nog uitgevoerd zou geraken, waar hij aanvankelijk op gerekend had. De nieuwe opdracht was dus een enige kans om weer wat geld te kunnen verdienen. Nochthans sprak de gedachte van het schrijven van een vioolconcert Alban Berg niet direct aan. Iets virtuoos schrijven vond hij niet zijn specialiteit, hij verwittigde Krasner er dan ook voor dat hij geen concerto à la Vieuxtemps of à la Wieniawski zou kunnen neerzetten. Krasner antwoordde er droogjes op dat Beethoven en Brahms toch ook een vioolconcerto hadden geschreven. Ook zat Berg met het gevoel over onvoldoende technische kennis te beschikken van het instrument. Toch beloofde hij de violist de opdracht ernstig te zullen overwegen. Vanaf dat ogenblik werd Krasner in Amerika regelmatig door Weense vrienden geïnformeerd over de plotse aanwezigheid van Berg temidden het publiek telkens als er een vioolrecital in de stad werd gegeven. Ook voor de violist was het een uitdaging. Hoewel hij altijd bijzonder geïnteresseerd was geweest in hedendaagse muziek , was hij er toch benieuwd naar of het systeem van de twaalftoontechniek te verenigen zou zijn met de melodische en lyrische eigenschappen van een viool. Het was dan ook niet onoverwogen dat de violist zich richtte tot de meest lyrische van de componisten van de tweede Weense school. Deze eigenschap was duidelijk geworden in diens pianosonate, de opera Wozzeck en de Lyrische Suite. Uiteindelijk aanvaardde Berg de opdracht, waarschijnlijk vanuit de behoefte om te kunnen bewijzen dat het beslist mogelijk is lyrische en expressieve muziek te schrijven binnen het door Arnold Schönberg bedachtte twaalftoonsysteem. Aanvankelijk was  het nog niet duidelijk welke vorm het concerto zou aannemen, wel vertrok de componist van de gedachte 'absolute' muziek te schrijven. Een dramatische gebeurtenis deed hem van deze lijn afwijken. Manon Gropius, de achttienjarige dochter van Alma Mahler (-Schindler) en haar tweede echtgenoot Walter Gropius overleed op 22 april 1935.

Manon Gropius rond 1928

Manon Gropius (1916-1935)
 

Een jaar voordien had Manon tijdens een reis naar Venetië een polio-infectie opgedaan waardoor zij het slachtoffer was geworden van kinderverlamming. Hoewel haar laatste levensjaar een lijdensweg was geweest, kwam haar overlijden toch geheel onverwacht aan. Alban Berg en zijn echtgenote hadden een nauwe band met Alma Mahler en haar familie. Hij was bijzonder gesteld op "Mutzi" zoals Manon door haar vrienden genoemd werd en was erg aangedaan toen hij het nieuws van haar overlijden vernam. Zijn vioolconcert zou dan ook het karakter krijgen van een Requiem. Het lot wilde dat het evenzeer zijn Requiem zou worden. Hijzelf overleed nog in december van datzelfde jaar ten gevolge van een bloedvergiftiging na een hevig abces, veroorzaakt door een insektenbeet.

Graf Alban Berg (Hietzinger kerkhof Wenen)

Graf van Alban Berg op het Hietzingerkerkhof te Wenen.

Het vioolconcert

Toen Berg de opdracht van Louis Krasner had aanvaard, vroeg hij de violist af en toe voor hem te improviseren. Hij wilde geen vioolconcerto horen, enkel die dingen die spontaan in hem opkwamen. "Präludieren Sie nur!" placht hij te zeggen. Volgens Krasner kwamen veel elementen, technieken die hij toen improviserend had gebruikt terug in het afgewerkte concert.
Het was van begin af aan de bedoeling zowel bij de componist als bij de opdrachtgever dat het concert volgens de twaalftoontechniek zou geschreven worden. Berg had zijn muzikale vorming haast volledig te danken aan Arnold Schönberg die in 1921 een systeem had geconcipiëerd om zich optimaal los te maken van de traditionele tonale schrijfwijze waarbij noten in een spanningsveld van dominantie en ondergeschiktheid tegenover elkaar "gevangen" zitten binnen toonaarden.

Arnold_Schoenberg_la_1948

Arnold Schönberg in 1948 (Foto van Florence Homolka)
 

Daartoe werden de twaalf chromatische noten van de toonladder in een serie geschikt. Verschillende "spelregels" moesten garanderen dat alle twaalf tonen exact eenzelfde aantal keren gebruikt werden binnen de compositie en dat er geen dominante tonen meer optraden. Aanvankelijk werd de methode enkel door de componisten van de "tweede Weense school" toegepast, Schönberg zelf, Alban Berg en Anton Webern. De techniek geraakte sterk verbreid in de jaren '50 bij componisten als Luciano Berio, Pierre Boulez, Luigi Dallapiccola en Igor Stravinsky.
Voor zijn concert stelde Berg de volgende notenreeks samen:

Berg_vn_conc_tone_row

Hiermee bleef hij toch nog min of meer vasthouden aan de invloedsfeer van de tonale muziek. In deze serie zitten vier opeenvolgende kleine of grote tertsdrieklanken op de noten G, D, A en E. De laatste vier noten vormen en deel van een hele toonstoonladder en zijn tevens het begin van het door Berg geciteerde koraal van Bach: "Es ist genug". De net vernoemde basistonen van de drieklanken stemmen overeen met de losse snaren van de viool en tonen dus dat de componist zijn toonreeks meteen samenstelde in functie van het solo-instrument.

Het werk bestaat uit twee losse delen waarvan elk deel nog eens onderverdeeld is in twee bewegingen. Door de vier bewegingen wordt het concert wel eens vergeleken met een symfonie met vioolsolo. Het eerste deel is een soort portret van het jonge meisje Manon, waarbij Berg in de eerste trage beweging haar bekoorlijke, lieflijke, zachtmoedige aard trachtte weer te geven. In de tweede snelle beweging "un poco grazioso" tekende Berg de charme en speelsheid van Manon, gezien als een schim "schattenhaft". Van bij de eerste noten van het werk is trouwens de kille, donkere achtergrond van de dood reeds voelbaar.
Het tweede deel tekent het lijden, de schrik, de doodstrijd van het meisje en het uiteindelijke heengaan. De muziek van de derde beweging klinkt luid, wreed en dissonant en culmineert in een dramatisch hoogtepunt dat de overgang maakt naar de vierde beweging die aanvangt met het citaat van Bachs koraal "Es ist genug", een smeekbede om verlost te kunnen worden van het aardse lijden. Berg citeert het koraal letterlijk waarbij de oorspronkelijk harmonisatie door houtblazers wordt gebracht en klinkt als op een orgel. Hierop volgen enkele sombere dramatische variaties. Heel even weerklinkt van ver terug het naïeve, levenslustige thema van een Carintisch volkslied dat Berg reeds eerder gebruikte in de tweede beweging als portret van Manon.

a_gropius_manon_gb

Graf van Manon Gropius

11:14 Gepost door Ronald in Berg | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

21-04-08

Mendelssohn : Sym 3 "Schotse"

Felix Mendelssohn-Bartholdy : Symfonie nr. 3 in a-klein "Schotse", op. 56 (1842)

Felix Mendelssohns jeugd.

Weinig componisten hebben het geluk gehad zoveel materiële middelen en geestelijke bagage in hun jeugd meegekregen te hebben om hun aangeboren talenten vlot tot ontwikkeling te laten komen als Felix Mendelssohn. Hij was de zoon van een joodse bankier in Berlijn, kleinzoon van een beroemd filosoof, en kind van een cultureel sterk ontwikkelde moeder die hem zijn eerste pianolessen gaf. Van zodra de talenten van zowel Felix als zijn zus Fanny sterk naar voor begonnen te komen organiseerden de Mendelssohns in hun huis zondagconcerten waarop de meest vooraanstaande burgers en kunstenaars van Berlijn uitgenodigd waren. Friedrich Zelter, muzikaal raadsman van Goethe, nam de verdere muzikale ontwikkeling van Felix op zich en introduceerde hem op 12-jarige leeftijd bij de grote dichter die bijzonder onder de indruk was van dit jonge talent. Goethe die de kleine Mozart vroeger ook had horen spelen zei: "Wat deze jongeling op zijn twaalfde presteert, verhoudt zich tot de zevenjarige Mozart als de ontwikkelde conversatie van een volwassene tegenover het gebabbel van een kind."

Goethe

Johann Wolfgang von Goethe (J.H.W. Tishbein)
 

De Mendelssohns hadden ook de gewoonte van vooraanstaande musici die in Berlijn optraden uit te nodigen voor een souper in hun huis na het optreden. Zo leerde Felix in 1824 de beroemde pianist en componist Ignaz Moscheles kennen die de volgende woorden noteerde: "Zo een familie heb ik nooit eerder ontmoet. Felix, een jongen van vijftien, is een fenomeen. Wat zijn alle wonderkinderen vergeleken bij hem? Begaafde kinderen, anders niets. Deze Felix Mendelssohn is op zijn vijftiende al een volwassen kunstenaar. We brachten samen vele uren door, waarin ik van alles moest spelen, terwijl ik eigenlijk alleen maar in zijn spel en in zijn composities geïnteresseerd was... ...Beide ouders maken de indruk uiterst beschaafde mensen te zijn, die de talenten van hun kinderen bepaald niet overschatten... ...Deze twee mensen lijken in geen opzicht op de 'wonderkindouders' die ik zo dikwijls moet verduren."

Op reis naar England en Schotland in 1829.

Abraham Mendelssohn vond dat de tijd er rijp voor was om zijn twintigjarige zoon alleen een grote reis te laten ondernemen. Niet alleen om de wereld beter te leren kennen maar ook om zijn carrière een deftige start te kunnen laten maken, en daarvoor was Londen beslist een heel goede keuze. Uiteraard ging het hier om een zorgvuldig voorbereidde reis waarbij Felix overladen werd met aanbevelingsbrieven die hem direct toegang moesten verlenen tot de hoogste culturele kringen. Hoewel het begin van de reis voor de zeezieke Mendelssohn een verschrikking was, deed de ontdekking van de wereldstad Londen hem deze ervaring al snel vergeten. Deze grote, bruisende stad was voor hem een hele openbaring.

Huis van Ignaz Moscheles te Londen naar Mendelssohn

Huis van Ignaz Moscheles te Londen, getekend door Mendelssohn.

Ignaz Moscheles had voor een onderkomen gezorgd, en er werd hem een Clementi-piano geleverd. Naast de talrijke relatiebezoekjes die hij er aflegde, ging hij naar concerten, bezocht de bibliotheek van het British Museum waar hij manuscripten van Händel kon bestuderen en dirigeerde het orkest van de Philharmonic Society. Zijn eerste symfonie, de Sommernachtstraum-ouverture en het concert voor twee piano's en orkest werden er met veel bijval onthaald. Ook zijn optredens als pianist waren grote successen. Het debuut in Londen van de 20-jarige componist was meteen een schot in de roos waardoor hij naam maakte tot in de hoogste aristocratische kringen. Na afloop van het concertseizoen besloot Mendelssohn verder door te reizen en Schotland te gaan verkennen. Dit land was in het begin van de 19de eeuw bij de hogere burgerij reeds een heel geliefde toeristische bestemming. De zeer populaire dichter Jean Paul was er geweest en de veel gelezen Duitse vertalingen van het werk van Walter Scott droegen zeker bij tot de interesse in Schotland. Op 28 juli bereikte hij Edinburgh. Mendelssohn genoot van de stad en het omliggende landschap dat in mysterieuze nevels gehuld was. Als rasechte romanticus stond een bezoek aan de ruïnes van de kapel van Holyrood House op de agenda. Hier had Mary, Queen of Scots, het grootste deel van haar ongelukkige leven doorgebracht en was haar secretatis David Rizzio vermoord. De sfeer die er heerste en de aanblik van de door planten overwoekerde ruïnes van de kapel inspireerden Mendelssohn tot de donkere openingstonen van de Schotse symfonie.

Holyrood Chapel, diorama van Daguerre

Holyrood Chapel, diorama van Daguerre.

Na Edinburgh bezocht Mendelssohn ook "Fingal's Cave" op de Hebriden-eilanden. Deze in 1772 ontdekte grot vergeleken de romantici met een natuurlijk ontstane gotische kathedraal. De indruk die deze op Mendelssohn naliet verklankte hij in zijn beroemde Hebriden-ouverture waarvan Brahms ooit zei: "Ik zou graag alles opgeven wat ik ooit componeerde, om één werk te kunnen componeren als Mendelssohns Hebriden-ouverture.

Symfonie nr. 3

Andante con moto - allegro un poco agitato
De trage inleiding, waarvoor de componist inspiratie had opgedaan tijdens zijn bezoek aan de ruïnes van Holyrood Chapel, klinkt statig en donker. Hobo's, klarinetten, fagotten en hoorns zingen een melancholisch lied. Daarop volgt een Allegro un poco agitato waarbij de violen een aanverwant zangerig thema pianissimo inzetten. Er volgt een Assai animato passage met een dalende lijn van fortissimo gespeelde korte herhaalde noten, waarna een ander lyrisch legato thema afwisselend door verschillende instrumenten gebracht wordt. Als overgangsthema tussen de verschillende onderdelen komt enkele malen een trage passage voor die ons terug lijkt te willen onderdompelen in de sombere, mysterieuze, sa
crale sfeer van de inleiding.
Vivace
Dit bijzonder levendige scherzo in 2/4 maat moet qua uitbundigheid zeker niet onderdoen voor het beter gekende Allegro uit de "Italiaanse"symfonie. Het is nochthans het meest Schotse deel en h
eeft het karakter van volksmuziek. De klarinet die het thema voor het eerst voordraagt, imiteert de klank van een doedelzak.
Adagio
De strijkers brengen hier één van de meest
lieflijke en innige melodieën uit het oeuvre van Mendelssohn. Het tweede thema steekt er fel tegen af met zijn meer opstandige fortepassages.
Allegro
Nog uitbundiger dan het tweede deel klinkt het begin van deze laatste beweging die echter statiger eindigt in een Allegro maestoso.

16:48 Gepost door Ronald in Mendelssohn | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |

14-04-08

Prokofiev : Sym 5

Sergei Prokofiev : Symfonie nr. 5 in Bes-groot, opus 100 (1944)

Als symbool voor hoop en vertrouwen in de kracht van de mensheid kende dit werk tegen het einde van de tweede wereldoorlog een groot succes zowel in Rusland als in Amerika. Ook nu nog is het na de "klassieke" de meest gewaardeerde van Prokofievs zeven symfonieën.

Prokofiev ca.1935

Sergei Prokofiev rond 1935.

"Als een kip in de soep getuimeld." 

Prokofiev had nog tijdens zijn conservatoriumstudies vanaf ongeveer 1910 al redelijk wat bekendheid beginnen te verwerven als componist. In 1913 verliet hij voor het eerst op 22-jarige leeftijd Rusland om naar Parijs en Londen te trekken waar hij kennis maakte met de Ballets Russes van Diaghilev. In 1914 behaalde hij zijn einddiploma. Tijdens de eerste wereldoorlog ging hij nog verder orgel studeren en na de revolutie van 1917 kreeg hij toestemming om voor beperkte tijd naar het buitenland te reizen. Prokofiev die het liefst de chaotische toestanden in zijn land ontvluchtte verkoos de V.S. om er volledig met muziek bezig te kunnen zijn. Aangezien het hem daar echter niet zo best lukte carrière te maken, besloot hij in 1920 naar Parijs te trekken. Vanuit Rusland, waar zijn muziek ook een zeker succes begon te kennen, ontving hij regelmatig uitnodigingen om naar zijn vaderland terug te keren. Nadat hij rond 1927 enkele succesrijke tournees in Rusland had gemaakt, begon bij Prokofiev vanaf 1930 meer en meer de gedachte te groeien om zich er terug definitief te vestigen. Ongetwijfeld mistte hij zijn vaderland en wellicht rekende hij ook op een snelle verbetering van het lot van de muziekanten aldaar. Het feit dat enkele schuldeisers hem in het Westen op de hielen zaten in verband met zijn gokverslaving kan ook een invloed gehad hebben. Ondanks de steeds groter wordende inmenging van de Sovjet politiek in culturele aangelegenheden besloot de componist in 1936 definitief in Moscow te gaan wonen. Door zijn naïviteit en gebrek aan interesse in politieke aangelegenheden was Prokofiev om het met de woorden van Dimitri Sjostakovitch te zeggen "als een kip in de soep getuimeld". Zijn werk werd gecontrolleerd en moest aangepast worden.

stalin'

Stalin 

Om erkend te blijven als Sovjet componist en niet vervolgd te worden schreef hij "massaliederen" waaronder een hulde aan Stalin. Ondanks de successen die hij in zijn vaderland kende was dit een hoogst onprettige manier van werken. De zaken verslechterden nog toen Stalin na de tweede wereldoorlog het muziekleven nog meer aan banden legde. Van toen af aan werd Prokofievs muziek gezien als "gevaarlijk" voor het Sovjet volk. Zijn operaprojecten werden geschrapt. Samen met zijn verslechterende gezondheid zorgde deze toestand ervoor dat de componist zich minder en minder met muzikale activiteiten ging bezighouden. Hij stierf op 61-jarige leeftijd op 5 maart 1953, dezelfde dag als Stalin, en heeft dus niet meer van de daaropvolgende versoepeling van het regime kunnen genieten.

Moscow, 13 januari 1945.

Het publiek dat aanwezig was bij de eerste uitvoering van Prokofievs vijfde symfonie maakte ongetwijfeld een emotioneel bewogen avond mee. Het Rode Leger had net een belangrijke overwinning geboekt op de Duitsers wat hoop gaf op een spoedige afloop van de oorlog. Na de pauze van het concert om 21u30 was een in het zwart geklede presentatrice het podium opgekomen voor een officiële aankondiging: "In de naam van het vaderland zullen er 20 saluutschoten afgevuurd worden met 224 geweren ter ere van de dappere soldaten van het eerste Oekraïens front die de verdedegingslijn van de Duitsers doorbroken hebben". Terwijl Prokofiev het podium opkwam weerklonken de eerste schoten. Met gebogen hoofd bleef hij voor het orkest wachten. Toen het laatste schot wegstierf hief hij de armen op om zijn nieuwe symfonie te dirigeren die helemaal klonk alsof ze voor de gelegenheid geschreven was. Sviatoslav Richter vertelde hierover: "Ik zal de eerste uitvoering van de vijfde symfonie in 1945 aan de vooravond van de overwinning niet snel vergeten... ... Er zat iets betekenisvol, symbolisch in de hele toestand. Het leek alsof er voor iedereen, ook voor Prokofiev, een soort gemeenschappelijke eindstreep bereikt was". De componist die het werk zelf ook heel belangrijk vond had het  opgevat als "een symfonie van de grootsheid van de menselijke geest". Deze vijfde symfonie verenigt twee tegengestelde elementen. Er heerst enerzijds een donkere, onzekere soms zelfs dreigende sfeer die het echter niet haalt van het hoopvolle en uiteindelijk triomfantelijke klimaat dat het publiek tijdens het concert van 13 januari 1945 bijzonder moet aangesproken hebben.

Time cover Prokofiev

Cover van Time-magazine van 19 november 1945.

Nadat enkele maanden later in Boston de Amerikaanse première gebracht werd onder leiding van Sergei Koussevitsky, verscheen in het Time-magazine van 19 november 1945 als omslagartikel een bijzonder lovend portret van de componist. Volgens het artikel was dirigent Koussevitsky ook in extase over de symfonie. Hij noemde ze "de grootste muzikale gebeurtenis in vele, vele jaren. De grootste sinds Brahms en Tsjaikovsky! Ze is magnifiek! Ze is gisteren, vandaag en morgen..." En verder: "Prokofiev is de grootste muzikant van deze tijd. Niemand anders schrijft met een dergelijke technische perfectie, met een dergelijke instrumentatie. En er is de hele tijd zo'n mooie melodie!" 

Serge_Koussevitzky

Sergei Koussevitsky, dirigent van het Boston Symphony Orchestra

Symfonie nr. 5

Het andante waarmee de symfonie opent, is het meest krachtige, overweldigende deel. Het begint op rustige wijze met het zelfzekere opgaande hoofdthema dat doorheen heel de beweging rijkelijk gekleurd wordt door verschillende instrumentencombinaties en uitgroeit tot een hallucinante climax, ondersteund door een imposante slagwerksectie. Dit zelfzekere thema klinkt steeds tegen een dreigende donkere achtergrond wellicht niet vreemd aan de context waarin het werk geschreven werd. Een tweede thema dat voor het eerst weerklinkt bij de hobo en fluit heeft iets warmer, romantischer. Regelmatig komt er ook steeds een dalend thema weer met korte herhaalde nootjes dat de enorme spanningsopbouw rond het hoofdthema op grappige manier doorbreekt. Tenslotte wordt met een verpletterende coda waarin de koperblazers de kans krijgen hun instrumenten te doen schitteren, de beweging afgerond.
Een virtuoos en dartel scherzo volgt waarin men van bij de eerste noot Prokofievs taal herkent. Het is een prachtig deel vanwege zijn rijke instumentatie, verscheidenheid aan thema's en tomeloze energie. Het eindigt abrupt op een crescendo.
Het ernstige en bijzonder melodieuze adagio ontsnapt evenmin aan de ritmisch stuwende motoriek zo eigen aan de muziek van Prokofiev. De dramatiek bereikt z'n hoogtepunt in de middelsectie.
Het allegro giocoso begint na een korte inleiding met een kort motief in de klarinet. Hier domineert een volkse uitgelaten sfeer. Een sierlijker, fijner uitgewerkt thema achtereenvolgend in de fluit, klarinet en violen, contrasteert hiermee. Dan wordt de muziek plechtiger in een koraalachtige passage, waarna de uitgelaten feeststemming terugkeert om in de heldhaftige coda uit te monden.

16:28 Gepost door Ronald in Prokofiev | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

06-04-08

Brahms : Strijksextet 2

Johannes Brahms : Strijksextet nr. 2 in G-groot, opus 36 (1864).

Geschreven op 31-jarige leeftijd was dit werk voor Brahms een manier om afstand te nemen van een onmogelijke liefdesrelatie die reeds vijf jaar eerder gestrand was. In het eerste deel schuilt de naam van zijn geliefde achter het thema op de noten A-G-A-(T)H-E.

 

Agathe von Siebold

agathe

Agathe von Siebold

In 1858 was Brahms op uitnodiging van Joseph Joachim naar de universiteitsstad Göttingen gekomen. Hij logeerde er bij Julius Otto Grimm. Deze vijf jaar oudere koordirigent en componist had hij in 1853 leren kennen te Leipzig. Deze behoorde tot zijn vaste kern vrienden waaronder ook Joseph Joachim en Clara Schumann. Brahms correspondeerde vaak met Grimm zodat ze elkaars persoonlijk leven dan ook door en door kenden. Hij wist hoe zijn vriend als jonge man bij de Schumanns opgenomen was geworden, hoe hij voor de mentaal afgetakelde componist gedurende de laatste maanden van diens leven had gezorgd, en ook hoe er tussen Johannes en de veertien jaar oudere Clara een liefde was gegroeid. De weduwe van Robert Schumann verkoos echter geen nieuwe relatie te beginnen, maar bleef toch met Brahms een intens contact onderhouden tot aan haar dood. Tijdens zijn verblijf bij Grimm te Göttingen, maakte Brahms kennis met Agathe von Siebold, de dochter van een professor en vriendin van Philippine de echtgenote van Grimm. De Grimms hadden alles gedaan om een verbintenis tussen beiden zoveel mogelijk in de hand te werken. Agathe en Johannes maakten samen veel wandelingen, deelden hun interesse in literatuur en muziek en de 25-jarige componist werd verliefd. Over de wandelingen zei Brahms: "Ik verkeerde in extase en dacht alleen maar aan muziek. Als de zaken zo voortgaan dan zal ik waarschijnlijk oplossen en opgaan in ijle lucht zoals een muziekakkoord." Agathe was een heel begaafde zangeres. De violist Joseph Joachim vergeleek haar stem met een Amati-viool. Brahms schreef drie liedbundels voor zijn geliefde.

 JuliusOttoGrimm-Sculpture

Standbeeld van Julius Otto Grimm in Münster

Toen voor iedereen duidelijk was dat het goed klikte tussen beiden, begon Grimm er op aan te dringen dat Brahms zich officiëel verloofde. En hier haakte hij af. Hij wilde zich niet in een huwelijk engageren en zond Agathe de volgende woorden: "Ik hou van je. Ik moet je weerzien. Maar ik kan me niet aan banden laten leggen. Schrijf me als ik mag terugkomen om je in mijn armen te nemen, je te omhelzen, je te zeggen dat ik van je hou." Agathe was beledigd. Ze wilde niet gezien worden als een blok aan het been van Johannes en verbrak het contact. Jaren later schreef Brahms: "Toen ik indertijd graag zou gehuwd geweest zijn, werd mijn muziek in de zalen uitgefloten, of koel ontvangen. Persoonlijk kon ik er mee omgaan, want ik kende de waarde van mijn muziek en wist dat vroeg of laat het tij zou keren in mijn voordeel. Maar als ik geconfronteerd zou geweest zijn met de bezorgde en vragende ogen van een vrouw op zulke ogenblikken met de uitdrukking van  'weer een andere flop' dan zou ik dat niet kunnen verdragen hebben." Brahms stond erg op zijn zelfstandigheid en is dan ook nooit in het huwelijk getreden. Toen zijn vriend Joachim ooit met het motto "Frei aber Einsam" afkwam repliceerde Brahms met het motto "Frei aber Froh". Hoewel deze uitspraak misschien wel wat te optimistich klonk kon Brahms zich blijkbaar goed schikken in zijn vrijgezellenleven. Hij maakte er ook geen geheim van dat hij op goede voet stond met de hoertjes van Wenen. Toch waren zijn gevoelens voor Agathe diep geworteld. Ook voor haar had deze liefde veel betekend. Later schreef ze over zichzelf in de derde persoon: "De herinnering aan haar grote liefde voor deze jongeman, aan deze voorbije dagen vol charme en poezie, is nooit verloren gegaan... Zijn onsterfelijke composities zijn altijd een bron van levensvreugde voor haar gebleven... En aangezien hij net als alle andere genieën even goed tot de mensheid behoorde, begon zij geleidelijk aan te verstaan dat hij het recht had banden te verbreken die hem dreigden te verlammen; begon zij in te zien dat zij, ondanks de kracht van haar liefde, geen relatie met hem kon aangaan."

 

Baden-Baden, 1864 

800px-Baden-Baden_Schloss_1900'
Baden-Baden rond 1900

Enkele jaren later koesterde Brahms nog steeds diepe gevoelens voor haar. En hij had het nodig op één of andere manier symbolisch een punt achter deze mislukte relatie te zetten. Hij zou dit realiseren met het tweede strijksextet waarin hij de naam van zijn geliefde in het eerste deel verwerkte op de noten A-G-A-H-E. Van deze compositie had hij tegen Gänsbacher gezegd: "Hiermee schrijf ik mijn laatste liefdesgevoelens van me af". Hij was er aan begonnen in de zomer van 1864.
Nadat hij gedurende ongeveer twee jaar in Wenen gewerkt had als leider van de Wiener Singakademie had hij er zijn ontslag aangevraagd. Hij keerde terug naar Hamburg waar hij zijn ouders weerzag die ondertussen gescheiden waren. Ook nam hij contact op met Julius Otto Grimm om te informeren achter de stand van zaken in Göttingen. Uit zijn schrijven blijkt dat hij nog niet zo best wist wat hij verder ging doen in zijn leven. Misschien had hij wel heimwee naar de universiteitsstad waar hij Agathe had leren kennen. Grimm antwoordde: "Alles is hier zo veranderd in dit huis. De oude professor is drie jaar geleden overleden. Agathe is sinds vorig jaar naar Ierland getrokken als gouvernante. Ze was de laatste tijd niet erg gelukkig in Göttingen en wilde zelfstandig zijn... Ze heeft het niet gemakkelijk gehad. Voor de rest heeft ze haar sterke karakter en haar humor weten te behouden, maar wat een triestig lot is dat van een alleenstaande vrouw!" Even later ontmoette Brahms Joseph Joachim aan wie hij de eerste schetsen van zijn sextet toonde. Het werd verder afgewerkt tijdens zijn verblijf te Baden-Baden waar Clara Schumann woonde. Brahms hield van de omringende natuur.

436px-Johannes_Brahms_1853

Brahms in 1853
 

Strijksextet nr. 2

Allegro non troppo
Het werk begint met een liefelijk, zacht deel, lyrisch en pastoraal van karakter. Het eerste thema met grote intervallen lijkt zich haast zwevend voort te bewegen op een ronddraaiende accentloze beweging in de begeleiding. Na een climax, gevolgd door een overgangspassage in dalende lijn, weerklinkt het prachtige zoete, melodieuze tweede thema in de cellopartij gevolgd door het A-G-A-(T)H-E motief van 5 noten dat verschillende keren herhaald wordt, alsof Brahms de naam van zijn geliefde van de daken wilde schreeuwen. De doorwerking is eerder kort gehouden in vergelijking met de langere expositie van de thema's. De recapitulatie krijgt een extra feërieke tint door de vele pizzicatotoevoegingen in de begeleiding. Het deel eindigt met een ietwat mijmerende coda "un poco sostenuto" om er dan met enkele, besliste forte akkoorden een punt achter te zetten.

Scherzo, allegro non troppo, presto giucoso
Het scherzo heeft iets uitermate broos, ingehouden, en veronderstelt een bijzonder delikate interactie tussen de verschillende instrumenten. De uitgelaten middensectie staat hiermee in fel contrast.

Poco Adagio
Deze expressieve trage beweging is opgebouwd als een thema met vijf variaties.

Poco Allegro
In dit energieke deel heeft het eerste zangerige thema iets van het karakter van volksmuziek. Het is een bijzonder levendige en virtuoze beweging.
 
 

 

 

 

 

03:27 Gepost door Ronald in Brahms | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |