11-07-09

Mahler: Symf 3

Gustav Mahler: Symfonie nr. 3 in d (1893-1896)

Aanvankelijk koos Mahler voor zijn nieuwe symfonie de titel "Ein Sommermittagstraum" en later "Meine fröhliche Wissenschaft" naar het werk van Friedrich Nietzsche. Het is wellicht het meest optimistische werk van zijn hand. De boodschap die hij erin wilde overbrengen vond hij zo belangrijk dat hij op geen tijd keek. Dat zijn symfonie (zonder pauze) ongeveer anderhalf uur zou duren en daarmee alle gangbare normen overschreed lapte hij aan zijn laars. Hij noemde de compositie zelfs "gezien het onderhoudende karakter en de verscheidenheid van de grootste bondigheid".

Een ode aan het leven 

mahler 02

“Een symfonie moet zijn zoals de wereld. Ze moet allesomvattend zijn. » zei Mahler. En aan de zangeres Anna von Mildenburg schreef hij : « Stel je voor : een werk van zo’n grootsheid dat het eigenlijk de hele wereld weerspiegelt ! » Deze woorden tonen hoe ambitieus hij zijn composities opvatte. Over de meeste van zijn symfonieën deed Mahler dan ook enkele jaren. Hoewel hij zich vooral later in zijn leven verzette tegen een programmagebonden aanpak van zijn werken, vinden deze haast allemaal hun oorsprong in één of ander extra-muzikaal concept. Het woord was één van zijn grootste inspiratiebronnen. Mahler was gefascineerd door literatuur en zang. Zijn eerste composities waren liederen. Liederen en liedcycli vormen het grootste deel van zijn oeuvre, en in vijf van de tien symfonieën wordt ofwel gezongen, ofwel naar liederen gerefereerd. Als gerenommeerd operadirigent kende hij overigens ook perfect de expressieve mogelijkheden van de menselijke stem.

In z'n derde symfonie putte Mahler inspiratie uit heel verschillende bronnen en kneedde een sterk samenhorend geheel met een diepere persoonlijke boodschap. Uit de wereld van de literatuur verenigde hij een levensbeschouwelijke tekst van Nietzsche met twee vrolijke opgewekte thema's uit zijn geliefde oud-Duitse volksliedcollectie "Des Knaben Wunderhorn".

Wunderhorn

Naast deze literaire bronnen was de natuur rond de Attersee in Steinbach, waar Mahler zich had teruggetrokken, z'n belangrijkste inspiratiebron. “Mijn symfonie wordt iets wat de wereld nog nooit gehoord heeft. In deze muziek vinden alle elementen uit de natuur hun stem. Sommige passages klinken zo ongewoon dat ik ze moeilijk kan herkennen als mijn muziek.”  Mahler was zich bewust van het risico dat zijn muziek misschien slecht begrepen zou kunnen worden. Na de Weense première in 1904 vond een criticus dat Mahler “opgesloten zou moeten worden wegens het beledigen van intelligente toehoorders.”

De derde symfonie werd uiteindelijk een grote ode aan de natuur, het leven, de liefde.  Zoals oorspronkelijk door Mahler zelf aangeduid werd, beschrijft ze in opgaande lijn verschillende vormen van het leven, vertrekkende bij een evocatie van de dorre materie (rotsen, stenen), gaande over de plantenwereld, het dierenrijk, de mens en eindigend bij de allesoverstijgende ("goddelijke") liefde. Het is alsof Mahler op dit ogenbik in zijn leven een soort rust had gevonden, een tevredenheid met het bestaan. "In de tweede symfonie stelde ik me de grootste levensvragen en trachtte er een antwoord op te vinden. Waarom leven we? Zullen we verder leven in het hiernamaals? In deze symfonie raken deze vragen me niet meer. Want wat voor nut hebben ze in het heelal waar alles leeft en moet en zal leven?"

Steinbach Attersee

 

Mahler de 'vakantiehuis'-componist

 

mahler_haus
 

De carrière van Mahler als operadirigent vond hij zelf uitermate interessant vanwege de rijke ervaring die hij ermee opdeed. Maar het begon hem meer en meer te irriteren dat er helemaal geen tijd overbleef om zelf te componeren. In 1893 besloot hij de zomermaanden op het platteland door te brengen en zich daar op zijn eigen composities te concentreren. Samen met zijn twee jongere zussen Justine en Emma, zijn broer Otto en zijn vriendin Nathalie Bauer-Lechner huurden ze vijf kamers en een aparte keuken in een herberg aan de Attersee in Steinbach. Om nog meer ongestoord te kunnen werken, liet Mahler het jaar erop aan de rand van het meer een kleine chalet bouwen waarin een piano werd geplaatst. Het is hier dat hij gedurende de zomers van 1894 tot 1896 onder andere aan zijn 3de symfonie werkte. Voor Mahler, een groot natuurliefhebber, was het effect van deze omgeving op zijn werk enorm. Toen hij met collega-dirigent en vriend Bruno Walter er in juli 1895 rondstapte merkte hij op: "Overbodig hier nog rond te kijken, ik heb alles gebruikt en in muziek omgezet."

Later bouwde Mahler elders nog een componeerhuisje. Doordat hij haast uitsluitend tijdens zijn vakanties tijd had om te componeren, noemde men hem al eens de vakantiehuiscomponist.

 

Mahlers_Komponierh%C3%A4uschen
 

Nathalie Bauer - Lechner

Voordat  Mahler in 1902 huwde met Alma Schindler had hij een hechte vriendschapsrelatie met de twee jaar oudere altvioliste, Nathalie Bauer-Lechner. In 1890 was zij zelf gescheiden, en wellicht koesterde ze wel wat gevoelens voor de jongere componist, die zelf liever wat meer afstand hield. In haar vaak geciteerde dagboek noteerde ze naast uitspraken van Mahler ook vele gebeurtenissen en details over zijn karakter. Het is aan het conservatorium van Wenen dat ze Mahler had leren kennen. Hoewel ze reeds in 1872 haar einddiploma behaalde, drie jaar voordat Mahler er begon te studeren, kwam ze er nog vaak zolang haar zuster er studeerde. Later was ze lid van het Soldat-Röger-strijkkwartet, een strijkkwartet bestaande uit uitsluitend vrouwen. In het begin van de 20ste eeuw profileerde ze zich als een hevige feministe. Nadat ze in 1918 een artikel had geschreven over oorlog en de nood aan stemrecht voor vrouwen, werd ze gearresteerd en opgesloten. Dit had haar gezondheid gebroken. Ze overleed in armoede.

Natalie Bauer-Lechner

Nathalie Bauers dagboek bevat bijzonder veel informatie over de ontstaansgeschiedenis, de ontwikkeling en de onderliggende ideeën van Mahlers derde symfonie. Zo noteert ze op 4 juli 1896 in Steinbach: "Mahler kwam vandaag volledig uitgeput en toch als dronken van zijn werk in mijn vioolhuisje om me voor een wandeling voor het eten op te halen en vertelde: Het is beangstigend hoe deze beweging (de eerste) boven alles wat ik tot nu toe gemaakt heb uitgroeit, zodat de tweede beweging me als een kind overkomt. Dit is ver boven het gewone leven, en al het menselijke krimpt in vergelijking daarmee als een pygmeeënrijk ineen. Echte verbijstering overvalt me als ik zie waarheen dat leidt, welke weg deze muziek voorbestemd is. En vooral wanneer ik besef dat mij de ontzettende taak werd toebedeeld, drager van dit reuzenwerk te zijn."..."Je kan je voorstellen dat de uiterlijke afmetingen dus ook reusachtig zijn. Ik was er werkelijk van verschoten wanneer ik pas vandaag opmerkte dat de eerste beweging een half uur of wellicht nog langer zal duren. Wat zullen ze daarvan zeggen?"..."Terwijl ik vroeger de inhoud van de verschillende delen nog in woorden kon uitdrukken en min of meer kon omschrijven, is dit hier niet meer mogelijk. Je moet je in de natuur zelf verdiepen. Muziek kan de kern en de mystiek van de natuur zo vatten als geen andere kunst of wetenschap kan."

Het werk

De symfonie bestaat uit twee grote delen, waarbij de lange eerste beweging als eerste deel geldt en de overige vijf bewegingen samen het tweede deel vormen. Voor de publicatie liet Mahler de oorspronkelijke titels vallen en koos voor de abstractere tempo- en karakteraanduidingen. Hij vond dat de muziek voldoende voor zich sprak. Toch is het duidelijk dat de kennis omtrent de concrete ideeën die hij tijdens het componeren in zijn hoofd had, het luisterplezier voor de meeste luisteraars alleen maar kan verhogen.

Deel I

1Kräftig entschieden

(Het ontwaken van Pan)(De zomer doet haar intrede)

Acht hoorns openen het werk met een kordate marsachtige melodie, ondersteund door een batterij slagwerk. Na de overweldigende opening zakt de muziek weg naar een stille mysterieuze passage in de diepste tonen van trombones en tuba. Langzaam maar zeker zwelt de muziek terug aan. De donkere tonen van de koperblazers verenigd met het onverbiddelijk bonkende slagwerk zijn van een granieten hardheid. Heel even komt in de violen en de houtblazers een lichter thema te voorschijn dat aanvoelt als warm zonnelicht, maar het maakt al snel weer plaats voor de donkerte van de koperblazers. Wat later ontwikkelt zich een heel uitgelaten, volks marsthema. Het is  bij dit thema dat Mahler dacht aan de ondertiteling "de zomer doet haar intrede". Geleidelijk aan wint het martiale het meer en meer van het dreigende karakter. De overwinning wordt met een indrukwekkend slot gevierd.

Deel II

2 Tempo di Menuetto. Sehr mässig

(Wat de bloemen in de wei me zeggen)

Na het sterk theatrale eerste deel, vormt deze korte frisse tweede beweging een soort inleiding tot het tweede deel. Het is heel bekoorlijke lichtvoetige muziek, subtiel georkestreerd en opgebouwd volgens het schema A-B-A’-B-A’’. De hobo zet in met een zoet huppelende thema, dat wat later door de violen overgenomen wordt. Een tweede verwant motief wordt aangebracht door de violen begeleid door spaarzaam gekozen harptinten, waarna de muziek even in een crescendo uitdeint, om terug plaats te maken voor het eerste huppelthema. Dan komt in versnelde beweging het B motief eraan dat ondanks de drukte nog steeds enorm subtiel blijft. De beweging zet zich voort volgens het aangehaalde schema waarbij de verschillende thema’s in allerlei gevarieerde vormen terugkomen “zo zorgeloos als alleen bloemen kunnen zijn”.

3 Comodo. Scherzando. Ohne Hast

(Wat de dieren in het bos me zeggen)

Ook in dit deel blijft Mahler nog graag even hangen in een sfeer van naïviteit. De beweging doet dienst als een soort scherzo binnen deze symfonie en is gebaseerd op het lied Ablosung im Sommer (uit Des Knaben Wunderhorn), de aflossing van de wacht in de zomer. Bij de overgang van de lente naar de zomer neemt de nachtegaal de plaats over van de koekoek. Het heerlijk onbezorgde thema van het lied wordt rijkelijk gevarieerd en biedt gelegenheid om heel wat vogelgekwetter te imiteren. In het midden van de beweging verstilt de muziek en wordt de aandacht getrokken door het geluid van een verre posthoorn (die in de concertzaal ergens verderweg van het podium moet opgesteld staan). Een subtiele manier om de mens reeds in het verhaal te betrekken? Het eerste thema komt krachtiger terug met extra veel werk voor de koperblazers, en het deel eindigt met een overdonderende coda. 

4 Sehr langsam. Misterioso. Durchaus ppp

(Wat de mens me zegt)

nietzsche1

Het deel contrasteert fel met de twee vorige onbezorgde bewegingen. Mahler koos hiervoor een tekstfragment uit "Also sprach Zarathustra" van Nietzsche. Dit "Misterioso" evoceert de stilte rond middernacht die af en toe onderbroken wordt door een akelige vogelroep. In dit stille uur wordt de mens het diepst met zijn wezen geconfronteerd en bezint zich over zijn gebondenheid aan genot en z'n wens om van het leed bevrijd te kunnen worden. Het is tijdloze, trage muziek, overwegend pianissimo gespeeld. De herhaalde lange hoge ijle viooltonen scheppen een mysterieus klimaat terwijl de hoorns de donkerte van de nacht tekenen.

5 Lustig im Tempo und keck im Ausdruck

(Wat de engelen me zeggen)

Als contrast met het Misterioso keerde Mahler terug naar de naïeve wereld van Des Knaben Wunderhorn en koos het "Armer Kinder Bettlerlied" dat hij toonzette voor alt, jongens- en vrouwenkoor en orkest. Filosofie van het lied: liefde voor God maakt gelukkig. De combinatie van de jongensstemmen die met hun 'bimbam' de klokken imiteren en een uitgebreid klokkenspel geven de beweging een feestelijke en tegelijkertijd ontroerende tint.

6 Langsam. Ruhevoll. Empfunden.

(Wat de liefde me zegt)

Na het wegsterven van de klokken zetten de strijkers op innige wijze dit laatste kolossaal opgebouwde deel in. Ze spelen een hele tijd alleen tot haast onopgemerkt hobo en hoorn zich bij het gezelschap voegen. In een scherpe crescendo voegen de hoorns hun donkere dreigende kleur toe waarna de muziek terug verstilt. Vanuit de strijkers wordt terug heel geleidelijk aan en perfect uitgebalanceerd naar een hoogtepunt toe gewerkt waar al snel fluit en hobo aan meewerken. Het orkest klimt tot in de hoogste registers waarna de muziek terug afdaalt tot de tuba's. Al snel komt het opnieuw tot een hoogtepunt waarna het orkest zich koppig aan de anticlimax overgeeft. Vanuit de stilte verkennen fluit en piccolo eenzame hoogten waarna de gedempte trompetten en trombone het aanvankelijke strijkersthema overnemen. Het is het spilmoment in het laatste deel net voor de coda waarop de strijd en de pijn plaats maken voor een stralende overwinning. De strijkers spelen een laatste maal hun innige lied, ditmaal begeleid door de zegevierende trompetten. Ook de pauken krijgen uitgebreid de kans hun vreugde bot te vieren.

Sublieme uitvoering o.l.v. Claudio Abbado:

http://www.youtube.com/watch?v=G5WAms-B5ZI&feature=ch...

http://www.youtube.com/watch?v=z8mOsgc0H8Y&feature=ch...

http://www.youtube.com/watch?v=oJBl_aH7gQ8&feature=ch...

 

02:08 Gepost door Ronald in Mahler | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |