21-04-08

Mendelssohn : Sym 3 "Schotse"

Felix Mendelssohn-Bartholdy : Symfonie nr. 3 in a-klein "Schotse", op. 56 (1842)

Felix Mendelssohns jeugd.

Weinig componisten hebben het geluk gehad zoveel materiële middelen en geestelijke bagage in hun jeugd meegekregen te hebben om hun aangeboren talenten vlot tot ontwikkeling te laten komen als Felix Mendelssohn. Hij was de zoon van een joodse bankier in Berlijn, kleinzoon van een beroemd filosoof, en kind van een cultureel sterk ontwikkelde moeder die hem zijn eerste pianolessen gaf. Van zodra de talenten van zowel Felix als zijn zus Fanny sterk naar voor begonnen te komen organiseerden de Mendelssohns in hun huis zondagconcerten waarop de meest vooraanstaande burgers en kunstenaars van Berlijn uitgenodigd waren. Friedrich Zelter, muzikaal raadsman van Goethe, nam de verdere muzikale ontwikkeling van Felix op zich en introduceerde hem op 12-jarige leeftijd bij de grote dichter die bijzonder onder de indruk was van dit jonge talent. Goethe die de kleine Mozart vroeger ook had horen spelen zei: "Wat deze jongeling op zijn twaalfde presteert, verhoudt zich tot de zevenjarige Mozart als de ontwikkelde conversatie van een volwassene tegenover het gebabbel van een kind."

Goethe

Johann Wolfgang von Goethe (J.H.W. Tishbein)
 

De Mendelssohns hadden ook de gewoonte van vooraanstaande musici die in Berlijn optraden uit te nodigen voor een souper in hun huis na het optreden. Zo leerde Felix in 1824 de beroemde pianist en componist Ignaz Moscheles kennen die de volgende woorden noteerde: "Zo een familie heb ik nooit eerder ontmoet. Felix, een jongen van vijftien, is een fenomeen. Wat zijn alle wonderkinderen vergeleken bij hem? Begaafde kinderen, anders niets. Deze Felix Mendelssohn is op zijn vijftiende al een volwassen kunstenaar. We brachten samen vele uren door, waarin ik van alles moest spelen, terwijl ik eigenlijk alleen maar in zijn spel en in zijn composities geïnteresseerd was... ...Beide ouders maken de indruk uiterst beschaafde mensen te zijn, die de talenten van hun kinderen bepaald niet overschatten... ...Deze twee mensen lijken in geen opzicht op de 'wonderkindouders' die ik zo dikwijls moet verduren."

Op reis naar England en Schotland in 1829.

Abraham Mendelssohn vond dat de tijd er rijp voor was om zijn twintigjarige zoon alleen een grote reis te laten ondernemen. Niet alleen om de wereld beter te leren kennen maar ook om zijn carrière een deftige start te kunnen laten maken, en daarvoor was Londen beslist een heel goede keuze. Uiteraard ging het hier om een zorgvuldig voorbereidde reis waarbij Felix overladen werd met aanbevelingsbrieven die hem direct toegang moesten verlenen tot de hoogste culturele kringen. Hoewel het begin van de reis voor de zeezieke Mendelssohn een verschrikking was, deed de ontdekking van de wereldstad Londen hem deze ervaring al snel vergeten. Deze grote, bruisende stad was voor hem een hele openbaring.

Huis van Ignaz Moscheles te Londen naar Mendelssohn

Huis van Ignaz Moscheles te Londen, getekend door Mendelssohn.

Ignaz Moscheles had voor een onderkomen gezorgd, en er werd hem een Clementi-piano geleverd. Naast de talrijke relatiebezoekjes die hij er aflegde, ging hij naar concerten, bezocht de bibliotheek van het British Museum waar hij manuscripten van Händel kon bestuderen en dirigeerde het orkest van de Philharmonic Society. Zijn eerste symfonie, de Sommernachtstraum-ouverture en het concert voor twee piano's en orkest werden er met veel bijval onthaald. Ook zijn optredens als pianist waren grote successen. Het debuut in Londen van de 20-jarige componist was meteen een schot in de roos waardoor hij naam maakte tot in de hoogste aristocratische kringen. Na afloop van het concertseizoen besloot Mendelssohn verder door te reizen en Schotland te gaan verkennen. Dit land was in het begin van de 19de eeuw bij de hogere burgerij reeds een heel geliefde toeristische bestemming. De zeer populaire dichter Jean Paul was er geweest en de veel gelezen Duitse vertalingen van het werk van Walter Scott droegen zeker bij tot de interesse in Schotland. Op 28 juli bereikte hij Edinburgh. Mendelssohn genoot van de stad en het omliggende landschap dat in mysterieuze nevels gehuld was. Als rasechte romanticus stond een bezoek aan de ruïnes van de kapel van Holyrood House op de agenda. Hier had Mary, Queen of Scots, het grootste deel van haar ongelukkige leven doorgebracht en was haar secretatis David Rizzio vermoord. De sfeer die er heerste en de aanblik van de door planten overwoekerde ruïnes van de kapel inspireerden Mendelssohn tot de donkere openingstonen van de Schotse symfonie.

Holyrood Chapel, diorama van Daguerre

Holyrood Chapel, diorama van Daguerre.

Na Edinburgh bezocht Mendelssohn ook "Fingal's Cave" op de Hebriden-eilanden. Deze in 1772 ontdekte grot vergeleken de romantici met een natuurlijk ontstane gotische kathedraal. De indruk die deze op Mendelssohn naliet verklankte hij in zijn beroemde Hebriden-ouverture waarvan Brahms ooit zei: "Ik zou graag alles opgeven wat ik ooit componeerde, om één werk te kunnen componeren als Mendelssohns Hebriden-ouverture.

Symfonie nr. 3

Andante con moto - allegro un poco agitato
De trage inleiding, waarvoor de componist inspiratie had opgedaan tijdens zijn bezoek aan de ruïnes van Holyrood Chapel, klinkt statig en donker. Hobo's, klarinetten, fagotten en hoorns zingen een melancholisch lied. Daarop volgt een Allegro un poco agitato waarbij de violen een aanverwant zangerig thema pianissimo inzetten. Er volgt een Assai animato passage met een dalende lijn van fortissimo gespeelde korte herhaalde noten, waarna een ander lyrisch legato thema afwisselend door verschillende instrumenten gebracht wordt. Als overgangsthema tussen de verschillende onderdelen komt enkele malen een trage passage voor die ons terug lijkt te willen onderdompelen in de sombere, mysterieuze, sa
crale sfeer van de inleiding.
Vivace
Dit bijzonder levendige scherzo in 2/4 maat moet qua uitbundigheid zeker niet onderdoen voor het beter gekende Allegro uit de "Italiaanse"symfonie. Het is nochthans het meest Schotse deel en h
eeft het karakter van volksmuziek. De klarinet die het thema voor het eerst voordraagt, imiteert de klank van een doedelzak.
Adagio
De strijkers brengen hier één van de meest
lieflijke en innige melodieën uit het oeuvre van Mendelssohn. Het tweede thema steekt er fel tegen af met zijn meer opstandige fortepassages.
Allegro
Nog uitbundiger dan het tweede deel klinkt het begin van deze laatste beweging die echter statiger eindigt in een Allegro maestoso.

16:48 Gepost door Ronald in Mendelssohn | Permalink | Commentaren (1) |  Facebook |